Pompoenwafels maak je met gare pompoenpuree in het beslag. Die geeft een warme kleur, een milde smaak en een zachte binnenkant. Kaneel en een beetje gember vullen dat aan zonder dat je een lange kruidenlijst nodig hebt. De wafels passen bij het ontbijt, maar kunnen met yoghurt of ijs ook als zoet tussendoortje of dessert worden geserveerd.
De puree bepaalt voor een groot deel hoe het beslag zich gedraagt. Gebruik een dikke, afgekoelde puree zonder toegevoegd vocht. Een waterige pompoensoepbasis of zoete taartvulling werkt anders. Het recept hieronder begint daarom met afgewogen, gebruiksklare puree; het zelf garen van een pompoen vraagt extra tijd.
Wat heb je nodig voor 8 pompoenwafels?
Reken met voorbereide puree op 15 minuten voorbereiding en ongeveer 30 minuten bakken, samen 45 minuten. Dat is voor 4 bakrondes met telkens 2 middelgrote wafels en ongeveer 6–7 minuten per ronde. In een kleiner ijzer neemt de totale baktijd toe.
- 250 g tarwebloem
- 8 g bakpoeder
- 40 g lichtbruine basterdsuiker
- 3 g gemalen kaneel
- 1 g gemberpoeder
- 1 g zout
- 200 g gare, afgekoelde pompoenpuree zonder toevoegingen
- 150 ml melk
- 2 eieren, maat M
- 50 ml zonnebloemolie
- Een beetje neutrale olie voor het ijzer, als invetten is toegestaan
Verder heb je 2 kommen, een garde, een spatel en een afkoelrooster nodig. Gebruik gewone bloem met los bakpoeder. Als je zelfrijzend bakmeel gebruikt en dezelfde hoeveelheid bakpoeder toevoegt, verander je de hoeveelheid rijsmiddel onnodig.
Zo bereid je de pompoenpuree voor
Flespompoen is een praktische keuze, omdat je het vruchtvlees gemakkelijk kunt schoonmaken en portioneren. Verwijder schil, pitten en draden. Gaar blokjes in een stoommandje totdat ze met een vork gemakkelijk uiteenvallen. Kleine blokjes hebben vaak 10–15 minuten nodig, maar beoordeel vooral of de pompoen echt zacht is.
Laat de blokjes goed uitdampen en pureer ze zonder melk of water. Spreid de puree uit in een ondiepe schaal, zodat deze vlot afkoelt. Weeg pas daarna de benodigde 200 g af. Reken voor zelfgemaakte puree op ongeveer 30–45 minuten extra, afhankelijk van snijwerk, hoeveelheid en afkoelen. Je kunt dit ook vooraf doen en de afgekoelde puree gekoeld bewaren tot het bakken.
Loopt er zichtbaar water uit de puree, laat die dan in een fijne zeef uitlekken voordat je afweegt. Bij puree uit een verpakking controleer je de ingrediënten: voor dit recept wil je alleen pompoen, zonder zout, kruiden of toegevoegde suiker. Gebruik geen ongekookte pompoen die alleen in een blender is fijngemaakt.
Pompoenwafels bakken
- Verwarm het wafelijzer volledig voor volgens de instructies van de fabrikant. Begin bij een regelbare thermostaat op een middelhoge stand.
- Meng bloem, bakpoeder, basterdsuiker, kaneel, gember en zout. Wrijf eventuele klontjes basterdsuiker met een lepel los.
- Klop in de andere kom de eieren los. Meng de afgekoelde pompoenpuree, melk en olie erdoor tot er geen grote klonten puree meer zichtbaar zijn.
- Spatel de vloeibare ingrediënten door het bloemmengsel. Stop zodra alles samenkomt. Het beslag moet dik maar goed te scheppen zijn. Is het uitzonderlijk stijf, voeg dan 10 ml melk toe en beoordeel opnieuw.
- Vet de platen zo nodig dun in en verdeel het beslag over de vormen. Vul niet tot de rand; het beslag zet nog uit.
- Bak ongeveer 6–7 minuten zonder het ijzer steeds te openen. Neem de wafels eruit wanneer ze stevig genoeg zijn en gemakkelijk loslaten.
- Leg de wafels los op een rooster. Controleer bij de eerste ronde of het midden gaar is. Verlaag bij een te donkere buitenkant de stand iets en verleng de baktijd.
Waarom blijven pompoenwafels soms klef?
Een zachte kruim hoort bij deze wafels, een laagje rauw beslag niet. Te veel vocht in de puree is een mogelijke oorzaak, maar ook een te volle vorm of te korte baktijd. Verander niet meteen het hele recept. Controleer eerst de dikte van de eerste wafel en geef de volgende ronde meer tijd.
Verwacht ook geen harde buitenkant die lang krokant blijft. Pompoen brengt vocht mee en bij het afkoelen verdeelt dat zich door de wafel. Met de aanwijzingen bij wafels die niet krokant worden kun je onderscheid maken tussen een passend zachte textuur en een probleem tijdens het bakken.
Als de wafel bij het openen uiteenvalt, was hij mogelijk nog onvoldoende stevig. Laat het deksel liever even langer dicht. Blijft het terugkomen, controleer dan ook de baklaag en het invetten zoals beschreven bij wafels die aan het ijzer blijven plakken.
Kruiden, toppings en restjes
Je kunt de kaneel en gember samen vervangen door 4 g speculaaskruiden. Voeg dat kruidenmengsel niet boven op de bestaande hoeveelheden toe. Wil je juist wafels waarbij specerijen centraal staan, dan hebben speculaaswafels een andere basis zonder pompoenpuree.
Een lepel yoghurt en wat gehakte pecannoten vormen een eenvoudige topping. Voor een dessert passen vanille-ijs en een kleine hoeveelheid ahornsiroop. Houd natte toppings apart tot het moment van serveren, zodat je niet vooraf alle wafels zacht maakt.
Bak het resterende beslag af en laat de wafels volledig afkoelen voordat je ze verpakt. Bewaar de wafels zonder yoghurt of ijs en vries porties die je niet snel gebruikt liever in. Hoe je ze later weer verwarmt, staat bij wafels bewaren en opwarmen. Een rooster bij het afkoelen helpt ook hier om condens onder de wafels te beperken.



